hoofdstuk 1: De kleine eenhoorn.

Er was eens een eenhoorn die in het snoepjes bos woonde. Niemand wou vrienden met hem worden omdat hij er anders uit zag dan de andere dieren, hij was de laatste van zijn soort. Aan het einde van het snoepjes bos was er een groot gapend gat, waar niemand in de buurt durfde te komen. Op een dag wou hans gaan spelen met de dieren uit het bos, maar niemand wou in zijn buurt komen. Hij was namelijk een andere kleur dan alle andere dieren. Hij had geen familie en geen vrienden. Op een Donderdag middag besloot hans een stukje te gaan lopen, hij dacht na over wat hij wilde in zijn leven. tot hij uiteindelijk bij de rand van het snoepbos was. Hij dacht na over zelfmoord plegen en besloot in het gat te springen.

Hoofdstuk 2: De wonderbaarlijke wereld van de Zeemeermin.

Zijn ogen gingen langzaam open en hij keek om zich heen. Niemand was ooit zo ver gekomen dan hans, niemand was ooit in het gat gesprongen. Hij keek nog een keer goed om zich heen en zag een nieuwe wonderbaarlijke wereld. Hij besloot om een kijkje te gaan nemen. Hij was heel erg moe en na een tijdje lopen ging hij liggen bij een watertje, tot hij een vreemde lucht rook. Hij Rook een soort vis lucht met parfum erdoorheen. Hij keek achter zich en zag wat bewegen in het water. SPLASHHHHHH!!!!!! opeens dook er een vreemd wezen uit het water, een wezen die die nog nooit gezien had. Het wezen zij: "hallo daar, hoe gaat het met u?"  En hans stond versteld en zij "ik ben hans de eenhoorn en kom uit het snoepbos" het wezen zij "ik ben Stella de zeemeermin"  Hans en Stella werden vrienden en hans de kleine eenhoorn hoefde nooit meer alleen te zijn of zich anders te voelen dan anderen. Eind goed al goed.

 

THE END!